het haar→ hairDutch word meaning
"het haar" is a A2-level Dutch word meaning "hair". Below you can find 14 example sentences with audio to help you understand how to use it in real Dutch conversations.
14 stories
Example Sentences

Goldilocks and the Three Bears
Ze heeft prachtig gouden haar.
She has beautiful golden hair.

Shopkeeper and Customer
Ze is een vrouw met bruin haar.
She is a woman with brown hair.

Making New Friends
Tom heeft kort bruin haar en een brede glimlach.
Tom has short brown hair and a big smile.

Getting a Haircut
Zijn haar was de afgelopen twee maanden te lang geworden.
His hair had grown too long over the past two months.

The New Boss
Een lange vrouw met kort haar kwam binnen.
A tall woman with short hair walked in.

The Apartment Viewing
Een man met grijs haar liep naar haar toe.
A man with gray hair walked towards her.

The Doctor's Advice
Hij was een lange man met grijs haar en een bril.
He was a tall man with gray hair and glasses.

Meeting an Online Friend
Toen zag ze een lange man met donker haar om zich heen kijken.
Then she saw a tall man with dark hair looking around.

The Book Club
Een vrouw met grijs haar legde boeken op een tafel.
A woman with gray hair was putting books on a table.

The First Date
Toen zag ze een lange man met bruin haar naar haar toe lopen.
Then she saw a tall man with brown hair walking towards her.

Hostel Life
Een meisje met krullend haar las op het onderste bed.
A girl with curly hair was reading on the bottom bunk.

Late for the Interview
Haar haar zat in de war.
Her hair was a mess.

Rapunzel
Rapunzel had het mooiste lange gouden haar ter wereld.
Rapunzel had the most beautiful long golden hair in the world.

The Resignation
Hij was een lange man van in de vijftig met grijs haar en een strenge uitdrukking.
He was a tall man in his fifties with gray hair and a stern expression.