A1travel3 minReadAudio

Dutch Story (A1)De treinreis

aboutStory

Een kind maakt zijn eerste treinreis met zijn moeder om oma te bezoeken. Ze kopen kaartjes, vinden hun perron en genieten van het uitzicht op het landschap vanuit het raam. Na een uur komen ze aan en oma verwelkomt hen met een warme knuffel.

1 / 35
🇳🇱→🇬🇧Click any sentence for translation
Vandaag is een speciale dag. Ik ga op mijn eerste treinreis. Mijn moeder brengt me naar het treinstation. Het station is groot en druk. Ik zie veel mensen snel lopen. We gaan naar het loket. Mijn moeder koopt twee kaartjes. De kaartjes zijn blauw en wit. We kijken naar het grote bord. Het toont alle treinen en tijden. Onze trein vertrekt van perron drie. We lopen naar het perron. De trein is er al. Hij is erg lang en rood. We stappen in de trein. Ik vind een plaats bij het raam. De stoel is comfortabel. Een man in uniform controleert onze kaartjes. Hij glimlacht en zegt: 'Goede reis!' De trein begint langzaam te rijden. Ik zwaai het station gedag. We passeren huizen en bomen. Ik zie groene velden en koeien. De trein gaat nu sneller. Mijn moeder geeft me een boterham. Ik eet de boterham en drink wat water. We stoppen bij een klein station. Sommige mensen stappen uit en sommige stappen in. De trein vervolgt zijn reis. Na een uur komen we aan op ons station. We stappen voorzichtig uit de trein. Mijn oma wacht op ons. Ze geeft me een grote knuffel. Ik vertel haar over mijn treinreis. Ze glimlacht en zegt: 'Welkom! Ik ben zo blij dat je er bent.'

Test your Dutch skills with interactive exercises

Match 10 wordsFill 7 blanksReorder 7 sentencesDictate 7 sentences

Vocabulary

20 words from this story

relatedStories