zelfverzekerd→ confidentDutch word meaning
"zelfverzekerd" is a A2-level Dutch word meaning "confident". Below you can find 12 example sentences with audio to help you understand how to use it in real Dutch conversations.
12 stories
Example Sentences

Getting a Haircut
Marco verliet de kapperszaak met een fris en zelfverzekerd gevoel.
Marco left the barbershop feeling fresh and confident.

Learning to Drive
Na twee maanden lessen voelde Emma zich zelfverzekerder.
After two months of lessons, Emma felt more confident.

The Flat Tire
Vanaf die dag voelde Sarah zich zekerder over het rijden.
From that day on, Sarah felt more confident about driving.

Meeting with the Tutor
Emma begon zich zelfverzekerder te voelen.
Emma began to feel more confident.

The False Friend Word
Ze voelde zich zelfverzekerd over haar taalvaardigheden.
She felt confident about her language skills.

Food Allergy Mix-Up
Ze voelde zich voorbereid en zelfverzekerd over het bestellen van eten.
She felt prepared and confident about ordering food.

The School Play
In het begin was haar stem zacht, maar naarmate ze verder ging, werd die sterker en zelfverzekerder.
At first her voice was quiet, but as she continued, it grew stronger and more confident.

The Salary Negotiation
Hij wilde professioneel en zelfverzekerd klinken tijdens de vergadering.
He wanted to sound professional and confident during the meeting.

Interview Questions
Ze had het bedrijf grondig onderzocht en voelde zich zelfverzekerd.
She had researched the company thoroughly and felt confident.

Finding a New Job
Sarah antwoordde zelfverzekerd en stelde doordachte vragen.
Sarah answered confidently and asked thoughtful questions.

Training the New Employee
Michael zag er overweldigd uit, maar probeerde zelfverzekerd over te komen.
Michael looked overwhelmed but tried to appear confident.

The Networking Event
Met meer zelfvertrouwen besloot ze een andere groep mensen te benaderen.
Feeling more confident, she decided to approach another group of people.