de kat→ catDutch word meaning
"de kat" is a A2-level Dutch word meaning "cat". Below you can find 16 example sentences with audio to help you understand how to use it in real Dutch conversations.
16 stories
Example Sentences

The Video Call
Oma laat haar kat zien.
Grandma shows her cat.

Catching a Cold
Zijn kat zit bij hem op het bed.
His cat sits with him on the bed.

The Lost Cat
Emma heeft een kat. Ze heet Mia.
Emma has a cat. Her name is Mia.

The Disappearing Cat
Emma heeft een kat die Whiskers heet.
Emma has a cat named Whiskers.

Rainy Day
Mijn kat slaapt op de stoel.
My cat sleeps on the chair.

Forgot the Password
Hij probeert de naam van zijn kat.
He tries his cat's name.

The Pet Sitter
'Dierenverzorger gezocht! Goed salaris! Bel mevrouw Johnson.'
'Pet sitter needed! Good pay! Call Mrs. Johnson.'

Puss in Boots
De jongste zoon kreeg alleen een kat. Hij was erg verdrietig.
The youngest son only received a cat. He was very sad.

The Bremen Town Musicians
Al snel ontmoetten ze een kat die op een hek zat.
Soon they met a cat sitting on a fence.

Visit to the Vet
Sophie had een kleine oranje kat genaamd Mango.
Sophie had a small orange cat named Mango.

Pinocchio
Het waren een vos en een kat die hem wilden bedriegen.
They were a fox and a cat who wanted to trick him.

Video Meeting Fail
Zijn kat sprong op zijn bureau.
His cat jumped onto his desk.

The Online Course
Haar kat zat vaak op haar bureau.
Her cat often sat on her desk.

Alice in Wonderland
Ze kwam bij een huis waar ze een grijnzende Cheshire Kat in een boom zag zitten.
She came to a house where she saw a grinning Cheshire Cat sitting in a tree.

Signing a Lease
Ze had altijd al een kat willen adopteren.
She had always wanted to adopt a cat.

Long Distance Friendship
Emma deelde verhalen over haar werk en de grappige dingen die haar kat deed.
Emma shared stories about her work and the funny things her cat did.