Sarah werkt bij een softwarebedrijf in de stad. Ze is projectmanager en leidt een klein team. Op maandagochtend komt Sarah vroeg op kantoor. Ze heeft om negen uur een belangrijke vergadering met haar baas. 'Goedemorgen, Sarah,' zegt haar baas, meneer Chen. 'We moeten het project voor vrijdag af hebben.' Sarah kijkt naar haar agenda en knikt. 'Dat is maar vier dagen,' denkt ze. Na de vergadering praat Sarah met haar team. Er zijn drie mensen in haar team: Tom, Lisa en David. 'We hebben veel werk te doen deze week,' zegt Sarah tegen hen. Tom werkt aan het ontwerpgedeelte van het project. Lisa schrijft de code, en David test alles. Ze beginnen meteen te werken. Op dinsdag is er een probleem met de code. Lisa kan de fout niet vinden. 'Ik ben al uren aan het zoeken,' zegt ze. Sarah besluit haar te helpen. Ze bekijken de code samen op Lisa's computer. Na een uur vindt Sarah het probleem. 'Kijk hier,' zegt ze en wijst naar het scherm. 'Deze regel is fout.' Lisa repareert de fout, en de code werkt weer. Op woensdag maakt Tom het ontwerp af. Hij laat het aan Sarah zien. 'Dit ziet er geweldig uit!' zegt ze met een glimlach. De kleuren zijn perfect, en de knoppen zijn makkelijk te vinden. David begint 's middags de software te testen. Hij vindt een paar kleine bugs en maakt een lijst. Lisa werkt laat om ze allemaal te repareren. Op donderdag heeft het team een vergadering. Sarah controleert de projectlijst. 'Het ontwerp is klaar, de code werkt, en de meeste tests zijn afgerond.' 'We moeten nog de documentatie schrijven,' zegt David. Sarah geeft deze taak aan Tom. Hij is een goede schrijver en kan dingen duidelijk uitleggen. 's Avonds stuurt Sarah een e-mail naar haar baas. 'Alles ligt op schema,' schrijft ze. Meneer Chen antwoordt snel. 'Goed werk, team!' Het is vrijdagochtend. Het hele team komt vroeg op het werk. Tom maakt de documentatie af om tien uur. David voert de laatste tests uit. 'Alles werkt perfect!' roept hij. Sarah verzamelt alle bestanden. Ze stuurt het project naar de klant om twaalf uur. De deadline was om vijf uur, dus ze waren vroeg klaar. De klant belt Sarah in de middag. 'We zijn erg blij met het project,' zeggen ze. Sarah bedankt haar team voor hun harde werk. 'We hadden het niet kunnen doen zonder ieders hulp.' Meneer Chen nodigt het team uit voor de lunch om te vieren. Ze gaan naar een leuk restaurant vlakbij kantoor. Iedereen is moe maar blij. 'Samenwerken als team maakt alles makkelijker,' zegt Lisa. Sarah is het eens en heft haar glas. 'Op ons geweldige team!' zegt ze. Ze glimlachen allemaal en genieten samen van de lunch. Het was een succesvolle week.

Dutch Story (A2)Projectdeadline
This A2 Dutch story is designed for elementary learners. Click any word for instant translation and build your vocabulary as you read.
aboutStory
Sarah en haar team moeten een belangrijk project afronden voor de deadline op vrijdag. Ze werken samen om problemen op te lossen en het werk op tijd af te maken.
1 / 60
🇳🇱Nederlands→🇬🇧English
Linked wordUnderlined wordOther words
Comprehension Questions
4 questions
1
Wat is Sarahs baan?
2
Welk probleem heeft Lisa op dinsdag?
3
Wanneer maken ze het project af?
4


