Een moeder zit met haar dochter aan de keukentafel. De dochter eet ontbijt. 'Hoe is school?' vraagt de moeder. 'School is goed,' zegt de dochter. 'Ik vind mijn leraar leuk.' De moeder glimlacht. 'Dat is geweldig,' zegt ze. 'Wat wil je worden als je groot bent?' De dochter denkt even na. 'Ik wil dokter worden,' zegt ze. 'Ik wil mensen helpen.' De moeder is trots. 'Dat is een mooie droom,' zegt ze. 'Heb je vandaag huiswerk?' vraagt de moeder. 'Ja, ik heb wiskundehuiswerk,' zegt de dochter. 'Kun je me helpen?' 'Natuurlijk,' zegt de moeder. 'Ik help je altijd.' De dochter maakt haar ontbijt op. 'Ik hou van je, mama,' zegt ze. De moeder omhelst haar dochter. 'Ik hou ook van jou,' zegt ze. 'Ga nu en maak je klaar voor school.' De dochter rent naar haar kamer. Ze trekt haar schoolkleren aan. Ze pakt haar rugzak. 'Tot ziens, mama!' zegt ze bij de deur. 'Fijne dag op school!' zegt de moeder.

Dutch Story (A1)Ouder en kind
Dit A1 Nederlands verhaal is ontworpen voor beginner die Nederlands leren. Het bevat eenvoudige woordenschat en korte zinnen om je lees- en luistervaardigheden te verbeteren. Klik op elk woord om vertalingen te zien en de uitspraak te horen.
About this story
Een moeder en dochter delen een ochtendgesprek aan de keukentafel. De dochter vertelt over school en haar droom om dokter te worden. De moeder luistert liefdevol en biedt aan om te helpen met huiswerk. Ze delen een warme knuffel voordat de dochter naar school gaat.
Translations in English
Linked wordUnderlined wordOther words
Comprehension Questions
3 questions
1
Wat wil de dochter worden als ze groot is?
2
Wat voor huiswerk heeft de dochter?
3
Waar zijn moeder en dochter aan het begin van het verhaal?
Vocabulary
20 words from this story


