Tom wordt maandagochtend wakker. Hij voelt zich niet goed. Zijn hoofd doet pijn. Zijn keel doet pijn. Tom neemt zijn temperatuur op. Hij heeft koorts. 'Ik kan vandaag niet naar mijn werk,' denkt Tom. Hij moet zijn baas bellen. Tom pakt zijn telefoon. Hij belt het kantoor. 'Goedemorgen, met Tom,' zegt hij. 'Ik ben ziek en kan vandaag niet naar mijn werk komen.' Zijn baas zegt: 'Dat is vervelend om te horen.' 'Wat is er aan de hand?' 'Ik heb koorts en keelpijn,' legt Tom uit. 'Zorg goed voor jezelf,' zegt zijn baas. 'Rust uit en drink veel water.' Tom bedankt zijn baas en hangt op. Hij gaat terug naar bed. Tom slaapt urenlang. Hij drinkt thee en eet soep. De volgende dag voelt Tom zich wat beter. Maar hij blijft nog een dag thuis. Op woensdag voelt Tom zich veel beter. Hij gaat terug naar zijn werk.

Dutch Story (A1)Ziek melden
aboutStory
Tom wordt maandag wakker en voelt zich ziek met koorts en keelpijn. Hij belt zijn baas om te zeggen dat hij niet naar zijn werk kan komen. Zijn baas zegt dat hij moet rusten en water moet drinken. Na twee dagen rust voelt Tom zich beter en gaat woensdag weer aan het werk.
1 / 25
🇳🇱→🇬🇧Click any sentence for translation
Test your Dutch skills with interactive exercises
Match 10 wordsFill 7 blanksReorder 7 sentencesDictate 7 sentences


