LingoStories AppLingoStories App
Robinson Crusoe
B1Chapter 8 / 15749 words70 sentences

Leren overleven

Chapter 8 · Robinson Crusoe · B1 Dutch. Tip: Click on any word while reading to see its translation. Take your time with each chapter and review the vocabulary before moving on.

Chapter Summary

Robinson leert jagen, verbouwen en gereedschap maken om te overleven.

1 / 70
🇳🇱Nederlands→🇬🇧English
Linked wordUnderlined wordOther words
Naarmate de jaren verstreken, werd ik bedreven in veel dingen die ik nooit eerder had gedaan. Noodzaak is een grote leermeester, en ik leerde van elke fout. Ik werd timmerman, bakker, pottenbakker en boer. Ik leerde kaarsen te maken van geitenvet om mijn grot 's nachts te verlichten. Ik ontdekte hoe ik druiven kon drogen tot rozijnen die maandenlang goed bleven. Ik leerde welke planten veilig waren om te eten en welke giftig waren. Mijn grootste uitdaging was het bouwen van een boot. Ik droomde nog steeds van ontsnappen naar het vasteland dat ik in de verte kon zien. Maandenlang werkte ik aan het omhakken van een grote boom. Ik hakte en brandde en sneed totdat ik een kano had gevormd. Hij was groot genoeg om twintig man en al mijn voorraden te dragen. Ik was buitengewoon trots op mijn werk totdat ik mijn verschrikkelijke fout besefte. De kano was te zwaar om te verplaatsen en hij was te ver van het water. Ik kon hem onmogelijk in mijn eentje naar zee slepen. Ik had maanden van hard werken verspild aan een nutteloos project. Ik dacht eraan een kanaal te graven om water naar de boot te brengen. Maar dat zou minstens tien jaar graven kosten. Ik gaf uiteindelijk op en leerde een waardevolle les. Denk altijd goed na voordat je aan een groot project begint. Overweeg alle problemen die kunnen ontstaan voordat je begint. Later bouwde ik een kleinere kano dicht bij de kust. Deze kon ik daadwerkelijk te water laten. Ik zeilde ermee rond het eiland om de hele kustlijn te verkennen. Op een dag voerden sterke stromingen me bijna naar open zee. Ik was doodsbang dat ik ver van mijn eilandhuis zou verdrinken. Ik peddelde wanhopig urenlang tegen de stroom in. Uiteindelijk ving ik een gunstige wind en bereikte de kust weer. Ik viel op mijn knieën en dankte God dat Hij me weer had gered. Daarna was ik voorzichtiger met mijn zeilavonturen. Ik gaf het idee op om te proberen het vasteland te bereiken. Misschien wilde God dat ik om een reden op dit eiland bleef. Ik besloot tevreden te zijn met mijn situatie. Ik had voldoende eten, een comfortabel huis en mijn gezondheid. Veel mensen in Engeland hadden veel minder dan ik. Mijn dagelijkse routine werd regelmatig en georganiseerd. Ik werd wakker bij zonsopgang en las een uur in mijn Bijbel. Daarna ging ik drie uur jagen of vissen. Ik werkte aan verschillende projecten tot de middaghitte. Ik sliep tijdens de heetste uren wanneer werken onmogelijk was. In de avond bereidde ik mijn eten en at mijn eenvoudige maaltijden. Ik leerde mezelf veel verschillende gerechten te koken. Ik maakte brood, gebraden geitenvlees en zelfs een soort pudding. Ik brouwde een drank van gerst die bijna als bier was. Ik werd uit noodzaak een behoorlijk goede kok. De seizoenen op mijn eiland waren anders dan in Engeland. Er waren elk jaar twee regenseizoenen en twee droge seizoenen. Ik leerde mijn gewassen op de juiste momenten te planten. Mijn eerste pogingen tot landbouw waren mislukt door slechte timing. Maar geleidelijk begreep ik de patronen van het weer. Ik hield zorgvuldig aantekeningen bij in mijn dagboek over alles wat ik observeerde. Op een gegeven moment werd ik erg ziek met een verschrikkelijke koorts. Ik lag dagenlang in mijn hangmat, niet in staat om te eten of te drinken. Ik dacht zeker dat ik alleen op dit eiland zou sterven. In mijn delirium had ik angstaanjagende dromen over mijn zondige verleden. Ik zag het droevige gezicht van mijn vader en hoorde opnieuw zijn waarschuwingen. Een stem in mijn droom zei: 'Bekeer je, of je zult sterven.' Toen ik eindelijk herstelde, was ik een veranderd man. Ik bad serieuzer en las mijn Bijbel zorgvuldiger. Ik begon mijn eiland niet als een gevangenis te zien maar als een geschenk. God had me vele malen van de dood gered. Misschien was deze eenzaamheid bedoeld om me iets te leren. Ik leerde vrede te vinden in mijn eenvoudige leven. Ik bracht niet langer elke dag door met verlangen naar redding. Ik accepteerde dat ik misschien de rest van mijn leven hier zou doorbrengen. Als dat Gods wil was, dan zou ik het accepteren. De jaren bleven verstrijken, het ene na het andere. Ik markeerde elke dag trouw op mijn houten kalender. Meer dan vijftien jaar waren verstreken sinds mijn schipbreuk. Ik was ouder en misschien wijzer geworden op mijn eiland. Maar ik had me nooit kunnen voorstellen wat er daarna zou gebeuren.

Comprehension Questions

4 questions

1

Welke verschrikkelijke fout maakte Robinson bij het bouwen van zijn eerste grote kano?

2

Welke drank brouwde Robinson van gerst?

3

Hoeveel jaar waren er verstreken sinds Robinsons schipbreuk aan het einde van dit hoofdstuk?

4

Hoe veranderde Robinsons houding ten opzichte van zijn situatie na zijn ernstige ziekte?

Vocabulary

30 words from this story

Continue Learning